16 augustus 2013

Biologische kijk op pesten

Na de zomervakantie breekt voor veel kinderen een spannende tijd aan. Nieuwe klas, nieuwe vriendjes en vriendinnetjes, misschien zelfs een compleet nieuwe school! De angst om buiten de groep te vallen is bij velen aanwezig. Vooral voor tieners is het belangrijk om het gevoel te hebben ergens bij te horen. Groepsvorming is binnen deze leeftijdsgroep dan ook eerder regel dan uitzondering. Het groepsgevoel wordt nog eens versterkt door zich af te zetten tegen individuen die "anders" zijn. Dat laatste kan -vooral wanneer het tegen 1 persoon gericht is- escaleren tot pesten. Behalve geestelijke en lichamelijke problemen op het moment zelf, zijn er voor het slachtoffer mogelijk ook langdurige gevolgen van pesten. Zo leidt stress bij kinderen en adolescenten onder andere tot een verhoogde kans op het ontwikkelen van psychopathologieën op latere leeftijd.

Televisie programma's als "Gepest", "ProjectP" en "Over de streep" zouden moeten helpen om een einde te maken aan pesten binnen onze scholen/cultuur. Maar is het wel mogelijk om dit gedrag helemaal uit te bannen?

Sadisme zit in onze natuur. Baby's en jonge kinderen houden van leedvermaak. Sla jezelf of iemand anders op het hoofd en ze gieren het uit van plezier. En ook baby's kunnen al discrimineren. Een onderzoek in maart van dit jaar liet zien dat baby's van 9 maanden oud al onderscheid maken tussen individuen die qua voedselvoorkeur op hen lijken ("vriend") en individuen die anders zijn ("vijand"). Een opvallende uitkomst van het onderzoek was dat ze het plezierig vinden als iemand onaardig is tegen zo'n "vijand".
We zien dus op zeer jonge leeftijd al een voorloper van pestgedrag: een voorkeur voor agressie gericht tegen iemand die anders is.

Ook bij dieren komen pestkoppen voor. Denk bijvoorbeeld aan apen die herhaaldelijk aan elkaars staart trekken, of -zoals in onderstaand filmpje- elkaar in het water duwen. Kunnen we dat vergelijken met pesten bij mensen, of zijn dit onschuldige treiterijtjes? Als het treitergedrag systematisch op 1 individu in de groep gericht is, kun je het wat mij betreft pesten noemen.



Soms wordt een dier niet geaccepteerd in een groep. Ik heb zelf ooit een grasparkietje gehad die steeds weer tot bloedens toe werd gepikt door de andere parkieten. Na een herstelperiode in een traliekooi in de volière (zodat de vogels elkaar wel konden zien en horen maar niet konden vechten) probeerde ik haar weer opnieuw te introduceren. Maar steeds weer eindigde dat in een bloedbad. Aan de buitenkant was er niks raars aan dit vogeltje te zien. Waarom werd ze dan niet geaccepteerd? Ik heb haar na meerdere mislukte pogingen maar weggegeven aan een kinderboerderij, waar ze geplaatst werd bij een mannetje die haar wel wist te waarderen. Eind goed al goed.

Voor sociale, in groepen levende dieren (daartoe behoort ook de mens!), kan sociale afwijzing grote gevolgen hebben. Onderzoek naar stress bij ratten liet bijvoorbeeld zien dat sociaal verlies leidt tot een aanzienlijke verhoging van stresshormonen. Langdurig hoge stresshormoonconcentraties in het bloed kunnen (bij mensen) leiden tot hoge bloeddruk, verzwakt immuunsysteem, slapeloosheid, angststoornissen en depressie of in extreme gevallen: zelfmoord.
Behalve fysiologische gevolgen werden bij ratten ook gedragsveranderingen gezien. De invloed van sociaal verlies was bij sommige ratten zelfs maanden na het incident nog merkbaar! Deze ratten lieten bijvoorbeeld minder exploratief (verkennend) gedrag zien en waren angstiger.

Kanttekening hierbij is dat bij de meeste onderzoeken de rat na het conflict alleen werd gehuisvest in plaats van in groepen. Voor groepsdieren is isolatie een belangrijke stressor, waardoor de negatieve effecten van het sociaal verlies waarschijnlijk versterkt werden. De controledieren die geen sociaal verlies hadden geleden werden weliswaar ook alleen gehuisvest, dus het verschil tussen de twee groepen is wel aan de sociale interactie toe te schrijven. Bij andere onderzoeken waarbij de dieren na de interactie wel terug naar een groep keerden werden dezelfde gevolgen van stress gevonden, maar deze duurden veel korter (7 vs. 21 dagen). Waarschijnlijk is dit bij mensen ook heel belangrijk: heb je een familie of vriendengroep waar je op kunt terugvallen of ben je -bij wijze van spreken- alleen op de wereld? 

Onderzoeken lieten ook zien dat de manier waarop het "slachtoffer" tijdens de interactie handelt invloed heeft op de hoeveelheid stress die het ervaart: ratten die terugvechten hebben minder last van het incident dan passieve dieren.
Ook is er onderzoek gedaan naar de invloed van voedsel op stress. Mensen kennen de term "troostvoer"; het eten van vet voedsel werkt stressverlagend. Dat effect werd inderdaad ook bij ratten en muizen gevonden. Niet alleen gingen de sociaal-gestreste dieren meer eten, maar hun metabolisme veranderde ook waardoor ze meer vatbaar waren voor het ontwikkelen van overgewicht. Kinderen die gepest worden omdat ze dik zijn belanden zo in een vicieuze cirkel. Maar stress kan ook andere eetstoornissen triggeren. Zowel bij diermodellen van Anorexia nervosa als bij menselijke Anorexia-patiënten is een relatie gevonden met sociaal verlies en submissief gedrag. Daarnaast is aangetoond dat verminderde calorie-inname een verlagende werking heeft op depressieve gedragingen; ratten die door een calorie-arm dieet 20-25% onder hun normale gewicht zaten lieten na sociaal verlies minder depressief gedrag zien.

De vraag blijft natuurlijk in hoeverre een diermodel zoals de rat in staat is om menselijke problemen als pesten en depressie na te bootsen. Sociaal verlies werd nagebootst door de rat in een kooi te zetten bij een agressieve en dominantere rat. Bij mensen gaat pesten ook vaak gepaard met verbale agressie door meerdere personen en is minder gericht op het verdedigen van een territorium, maar ik denk dat dominantie voor een deel wel ten grondslag ligt aan menselijk pestgedrag. Het begint vaak als een machtsspel: de pester wil zich profileren als meerdere en zijn dominante positie steeds weer bevestigd zien. Overigens is bij onderzoek met varkens ontdekt dat dominante dieren juist meer stress ondervinden dan de subdominanten in de groep; waarschijnlijk is het stressvol om hun positie te behouden. Bij de mens hoor je ook vaak dat pesters zelf juist heel onzeker kunnen zijn en dat het pestgedrag een poging is om zich beter te voelen. Verreweg de meeste onderzoeken richten zich vooral op de slachtoffers (en daar maak ik me in dit blog zelf ook schuldig aan), maar het is ook zeker interessant om meer aandacht te besteden aan de daders.

Resultaten uit dierexperimenteel onderzoek kunnen niet direct naar de mens toe vertaald worden, maar ze bieden wel handvaten om meer gericht onderzoek bij mensen te gaan doen. Naast een vergelijkbare fysiologie zien we ook overeenkomsten in gedrag: sociaal gestreste ratten waren teruggetrokken en voorzichtiger geworden en dat zien we ook bij veel pestslachtoffers terug. Het is dan ook zinvol om psychologische onderzoeken en biologische onderzoeken als aanvulling op elkaar te zien in plaats van de twee disciplines gescheiden te houden.

Pestgedrag zit diep geworteld in onze natuur. Waarschijnlijk is pesten in onze maatschappij niet te voorkomen. Maar het is mijns inziens zeker wel nuttig om stil te staan bij de mogelijke (negatieve) gevolgen en een helpende hand te bieden waar mogelijk. Behalve het pestgedrag proberen te stoppen door de daders aan te pakken moet er ook aandacht zijn voor therapieën om het slachtoffer meer weerbaar te maken en voorkomen dat ze geïsoleerd raken. Verder zouden onderzoekers meer aandacht moeten besteden aan de beweegredenen van daders om zo het probleem van twee kanten te benaderen. Meer samenwerking tussen biologen en psychologen zou tot waardevolle inzichten kunnen leiden.


Referenties:
Buwalda et al. (2005) Long-term effects of social stress on brain and behavior: a focus on hippocampal functioning. Neuroscience and Biobehavioral Reviews 29: 83–97.
Ruis et al. (1999) Housing familiar male wildtype rats together reduces the long-term adverse behavioural and physiological effects of social defeat, Psychoneuroendocrinology, Vol. 24(3):285-300. doi: 10.1016/S0306-4530(98)00050-X
Meerlo P., Sgoifo A., De Boer S. F. & Koolhaas J. M. (1999) Long-lasting consequences of a social conflict in rats: Behavior during the interaction predicts subsequent changes in daily rhythms of heart rate, temperature, and activity. Behavioral Neuroscience, Vol. 113(6):1283-1290. doi: 10.1037/0735-7044.113.6.1283 
Björkqvist K. (2001) Social defeat as a stressor in humans. Physiology & Behavior, Social Stress: Acute and Long-term Effects on Physiology & Behavior, Vol. 73(3):435–442. doi:
10.1016/S0031-9384(01)00490-5
Bartolomucci et al. (2009) Metabolic Consequences and Vulnerability to Diet-Induced Obesity in Male Mice under Chronic Social Stress. PLoS ONE Vol. 4(1): e4331.  
Troop N., Allan S., Treasure J.L. & Katzman M. (2003) Social comparison and submissive behaviour in eating disorder patients. Psychology and Psychotherapy: Theory, Research and Practice, Vol. 76(3):237-249. doi: 10.1348/147608303322362479
Lutter et al. (2008) Orexin Signaling Mediates the Antidepressant-Like Effect of Calorie Restriction. The Journal of Neuroscience, Vol. 28(12): 3071-3075. doi: 10.1523/JNEUROSCI.5584-07.2008

6 opmerkingen:

  1. Ik denk dat er vanuit de dierenwereld ook een stukje 'survival of the fittest' bij zit, wat uiteraard ook nog in onze genen verstopt zit. Als jij jezelf kunt profileren als sterkere heb je meer kansen om te overleven.

    Het lijkt me moeilijk om dit gedrag te corrigeren in de menselijke wereld, juist omdat het nog diep in ons zit. We pretenderen beschaafd te zijn maar diep van binnen..is dat een dikke grap ;) Feit is wel dat de slachtoffers een slechte start maken in het leven maar wel gewoon moeten meedraaien in de maatschappij en dat de maatschappij daar iets meer rekening mee moet houden naar mijn mening!

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Ja precies, mensen worden veel meer geleid door onze genen dan we zelf beseffen. We willen graag denken dat we boven de natuur staan en beschaafder zijn dan beesten, maar er zijn nog veel te veel voorbeelden waarbij dat duidelijk niet zo is.

      Verwijderen
  2. Je moet niet alleen kijken naar de pester en de gepeste, maar ook naar de hele groep waarin dit gebeurt. De groep maakt het namelijk mogelijk. Tot in het bejaardenhuis aan toe, helaas...

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Triest is dat ja... Je hebt wel een punt wat de groep betreft; als omstanders het pestgedrag niet tolereren maakt dat sneller een einde aan de situatie.

      Verwijderen
  3. Weer een heel interessant stukje Yvonne! Ik vind pestgedrag bij mensen heel moeilijk om te bevatten, soms lijkt het ook wel of mensen pesten om medestanders te krijgen, waarmee ze iets van bevestiging voor zichzelf krijgen (macht?). Bij mijn muisjes zie ik pestgedrag soms ook, en ik heb zelfs eens waargenomen dat een pester achter het slachtoffer aanzat en de pester op zijn kop kreeg (ik wist niet wat ik zag!), het was altijd hetzelfde dier dat "ingreep". Ook dat de meer nerveuze dieren eerder agressief op anderen reageren. Wat ik ook erg interessant vind is de reden die een psychologe mij gaf voor haar interesse in het onderzoek waar ze voor werkte, NESDA (Nederlandse Studie naar Depressie en Angst). Zij interesseerde zich onder andere voor de reden waarom sommige slachtoffers daders worden en andere slachtoffers niet (dit gaat dan wel om meer dan alleen pesten, ook andere vormen van agressie). Daarom vraag ik me af of er bij dieren misschien ook een deel aangeleerd gedrag bij zit. Het is een heel complex onderwerp, ik vind het leuk om er zo'n helder stukje over te lezen :)

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Bedankt voor je compliment Elise! Ik vind het leuk om verhalen over jouw muisjes te lezen. Heel bijzonder dat er een muisje is dat steeds ingrijpt bij conflicten!
      Het is ook zeker interessant om te kijken naar redenen waarom sommige slachtoffers zelf dader worden en of dat bij dieren ook gebeurt. Ik ga eens kijken of ik daar artikelen over kan vinden ;)

      Verwijderen