17 november 2016

Bloedtransfusie tegen ouderdom?

Elizabeth (Erzsébet) Báthory was misschien zo gek nog niet!
Het verhaal gaat dat deze Hongaarse gravin (1560-1614) baadde in het bloed van jonge maagden omdat ze geloofde dat het als een verjongingskuur werkte.

En waarempel, recent onderzoek heeft aangetoond dat muizen zich jonger gaan gedragen en een beter geheugen hebben als ze bloedplasma van 18-jaar-oude mensen ingespoten krijgen. Het experiment was een vervolg op onderzoek waarbij een jonge en een oude muis aan elkaar genaaid werden zodat ze elkaars bloedsomloop deelden. Met dit soort onderzoek komen we natuurlijk nooit van het 'mad scientist'-imago af!

Geen idee hoe iemand op het idee komt om zo'n onderzoek uit te voeren, maar een interessante uitkomst is het wel. Bevat bloed van jonge muizen en 18-jarige-mensen misschien een stofje dat verjongend werkt? En kunnen we dat stofje dan isoleren, produceren en als medicijn aanbieden aan mensen met ouderdomsproblemen zoals Alzheimer?

Het eeuwige leven wordt door velen als een utopie gezien. De mens zal waarschijnlijk altijd op zoek blijven naar manieren om de negatieve effecten van ouderdom tegen te gaan. Denk bijvoorbeeld aan de mythe over 'De Fontein der Eeuwige Jeugd'; wie uit deze waterbron drinkt wordt weer jong.

Of het bloed van jongeren inderdaad een wondermiddel tegen ouderdom bevat, en of dat niet alleen bij muizen maar ook bij oudere mensen verjongend werkt, zal moeten blijken... Er zijn al wel anekdotische verhalen over positieve effecten van bloedtransfusies bij mensen, maar verder onderzoek is absoluut nodig. Laten we in ieder geval maar hopen dat dit bericht geen nieuwe "bloedgravinnen" inspireert.
NewScientist: Blood from human teens rejuvenates body and brains of old mice

21 oktober 2016

Intelligente insecten?

Insecten staan niet direct bekend als intelligente wezentjes. Ik maak me er zelf ook schuldig aan: ik zie ze meer als een soort organische mini-robotjes die enkel instinctief reageren. Maar die denkwijze zal ik moeten bijstellen na het lezen van een recent onderzoek met hommels.

Het blijkt namelijk dat hommels een kunstmatige bloem die buiten bereik is met behulp van een touwtje naar zich toe kunnen trekken. En dat niet alleen: dat "string-pulling" gedrag kunnen ze ook van elkaar leren!

Het doorgeven van kennis aan soortgenoten, bijvoorbeeld aan je eigen nageslacht, wordt culturele transmissie genoemd. Lang werd gedacht dat cultuur typisch menselijk was, tot werd ontdekt dat ook hoogontwikkelde dieren zoals chimpansees vaardigheden van elkaar leren. Maar nu lijkt het erop dat cultuur bij heel veel diersoorten voorkomt, zelfs bij hommels!

Ik ben altijd heel sceptisch geweest naar voorbeelden van "intelligent" gedrag bij insecten, maar ik moet toegeven dat dit onderzoek me in positieve zin heeft verrast. Toch wil dit niet zeggen dat hommels slimme denkers zijn. De resultaten van dit onderzoek kunnen ook betekenen dat culturele transmissie een minder complex proces is dan we dachten.



Referentie:
Alem S, Perry CJ, Zhu X, Loukola OJ, Ingraham T, Søvik E, et al. (2016) Associative Mechanisms Allow for Social Learning and Cultural Transmission of String Pulling in an Insect. PLoS Biol, 14(10): e1002564. doi:10.1371/journal.pbio.1002564

20 juni 2016

De spiegeltest

Mensen besteden heel wat uurtjes van hun leven starend in de spiegel. De meeste dieren hebben veel minder aandacht voor hun spiegelbeeld of reageren alsof ze een soortgenoot zien. Behalve een perfect glad wateroppervlak zijn er geen spiegelende oppervlakten in de natuur te vinden. Een mens of dier dat nog nooit eerder een spiegel heeft gezien, zal dan ook in eerste instantie verward reageren. Veel dieren laten sociaal gedrag zien naar hun spiegelbeeld toe. Nieuwsgierige dieren en kinderen zullen gaan spelen met hun spiegelbeeld en als ze intelligent zijn zullen ze uiteindelijk door de identieke bewegingen begrijpen dat ze naar zichzelf kijken. De volgende stap is zichzelf onderzoeken. Chimpansees en dolfijnen doen bijvoorbeeld hun bek open of keren hun rug naar de spiegel toe om delen van zichzelf in de spiegel te bekijken die ze normaal niet kunnen zien.

De spiegeltest wordt gebruikt om die neiging tot zichzelf onderzoeken te testen bij dieren en jonge kinderen. Er wordt een markering aangebracht op het lichaam dat het dier of de testpersoon zonder spiegel niet kan zien, en ook niet kan voelen. Dat kan een stipje verf zijn, of een stickertje, of bijvoorbeeld het lichtpuntje van een laser. Als het dier vervolgens tijdens het kijken in de spiegel op het eigen lichaam de plek met de markering gaat aanraken of probeert schoon te vegen, dan is dat een teken dat het dier snapt dat het spiegelbeeld een weergave is van zijn eigen lichaam. Het slagen voor de spiegeltest wordt dan ook gezien als een aanwijzing voor het hebben van zelfbewustzijn.
Dieren die slagen voor de spiegeltest zijn verschillende primatensoorten, dolfijnen, orka's, olifanten en eksters; dieren waarvan we ook uit andere cognitieve testen weten dat ze intelligent zijn.

Kritiek
Het klinkt als een mooie test voor dieren die net zo visueel ingesteld zijn als wij. Maar veel dieren gebruiken juist andere signalen zoals geur of geluid om elkaar te herkennen. Critici vinden dat we bij het gebruik van een spiegel (enkel visuele informatie) veel te veel vanuit menselijk perspectief handelen. Daarom zijn er inmiddels ook alternatieven getest, zoals bijvoorbeeld of zangvogels anders reageren op hun eigen liedje dan op bandopnames van bekende en onbekende soortgenoten. Toch blijft het heel moeilijk om te bepalen of een dier snapt dat hij zijn eigen individu is.

Er is nog een ander punt van kritiek. Het blijkt namelijk dat sommige dieren (apen, duiven) die in eerste instantie niet slagen voor de spiegeltest, wel getraind kunnen worden om een markering op hun lichaam te onderzoeken die ze alleen via een spiegel kunnen zien. Betekent dat dat we ze zelfbewustzijn kunnen leren? Of gaat het te ver om een directe link tussen zelfbewustzijn en de spiegeltest te leggen?
Op dit moment wordt er dus een scheiding aangebracht tussen dieren die spontaan (zonder training) slagen voor de spiegeltest, en dieren die getraind kunnen worden om de test succesvol uit te voeren. Maar is deze scheiding misschien ook gedeeltelijk een scheiding tussen nieuwsgierige, leergierige dieren en de wat voorzichtigere 'ik-kijk-het-liever-even-uit-de-boom' dieren? Misschien zien die apen en duiven wel dat er een markering op hun lichaam zit, maar denken ze "nou en?" en schenken ze er verder geen aandacht aan, terwijl ze dat wel doen na training (want dan worden ze ervoor beloond), terwijl primaten en dolfijnen uit nieuwsgierigheid ook zonder beloning in actie gaan.

Mieren
Onvoorstelbaar voor sommigen, maar het lijkt toch echt zo te zijn: mieren slagen voor de spiegeltest. Wanneer ze een likje verf op hun lichaam krijgen wat ze in de spiegel kunnen zien dan zullen ze zichzelf gaan wassen. Kunnen ze het vlekje verf in de spiegel niet zien, dan wassen ze zich niet.
Mieren! Die kleine insecten die als één collectief geheel handelen. Die mini-robotjes waarvan alle gedragingen volledig instinctief lijken te zijn. Kan het mogelijk zijn dat ze snappen dat ze één van de schakels van het geheel zijn?
Betekent dit dat mieren zelfbewustzijn hebben? Bij dieren die veel op ons lijken, geloven we sneller dat ze de eigenschappen van een spiegel snappen en dat vertalen naar zelfbewustzijn, maar als insecten hetzelfde gedrag laten zien zijn we toch geneigd om te gaan zoeken naar alternatieve verklaringen.
Valt nu al het "bewijs" voor zelfbewustzijn bij hoger ontwikkelde dieren ook in het water? Want waarom zou de uitslag van de spiegeltest bij de ene diersoort wel als voldoende bewijs geaccepteerd worden en bij de andere niet? En als de spiegeltest niet voldoende toereikend is, hoe zouden we dan wel zelfbewustzijn bij verschillende diersoorten kunnen testen?

De mens
Heel interessant is ook het feit dat mensenkinderen uit verschillende culturen heel anders reageren op de spiegeltest. Westerse kinderen slagen gemiddeld vanaf een leeftijd van 1,5-2 jaar voor de spiegeltest. Zij groeien natuurlijk ook op in een omgeving waar spiegels heel normaal zijn. Niet-Westerse kinderen in een leeftijd variërend van 1,5 tot 6 jaar oud werden ook getest, maar slechts enkelen van hen gingen zichzelf onderzoeken in de spiegel. Technisch gesteld slaagden maar 2 van de 82 Keniaanse kinderen voor de spiegeltest zoals we hem ook bij dieren gebruiken. Dit wil natuurlijk niet zeggen dat Keniaanse kinderen dommer zouden zijn of niet in staat om zichzelf te herkennen. De onderzoekers vermoeden dat de kinderen zichzelf wel herkenden en zich wel bewust waren van de verf op hun gezicht, maar niet wisten hoe ze daarmee om moesten gaan en daarom maar helemaal niets deden. Misschien voelden ze zich tijdens de test minder op hun gemak dan hun Westerse soortgenootjes?

Niet slagen voor de spiegeltest betekent dus niet direct dat het kind of het dier géén zelfbewustzijn heeft.

Videocompilatie van dieren die wel slagen voor de spiegeltest:

Referenties:
AnimalCognition.org: List of Animals That Have Passed the Mirror Test
Plotnik, J. M., De Waal, F. B., & Reiss, D. (2006). Self-recognition in an Asian elephant. Proceedings of the National Academy of Sciences, 103(45), 17053-17057.
Prior, H., Schwarz, A., & Güntürkün, O. (2008). Mirror-induced behavior in the magpie (Pica pica): evidence of self-recognition. PLoS Biol, 6(8), e202. (PDF)
Chang, L., Fang, Q., Zhang, S., Poo, M. M., & Gong, N. (2015). Mirror-induced self-directed behaviors in rhesus monkeys after visual-somatosensory training. Current Biology, 25(2), 212-217.
Cammaerts M., Cammaerts R. (2015). Are Ants (Hymenoptera, Formicidae) Capable of Self Recognition? Journal of Science, 5(7), 521-532. (PDF)

Broesch, T. L., Callaghan, T., Henrich, J., Murphy, C., & Rochat, P. (2010). Cultural variations in children's mirror self-recognition. Journal of Cross-Cultural Psychology. (PDF)

28 april 2016

Mimicry


Doen alsof je iets anders bent, het uiterlijk van een ander aannemen, dat is mimicry.

Vaak gaat het in de natuur om mimicry van Bates: een ongevaarlijk dier neemt het uiterlijk van een gevaarlijke soort over om zichzelf te beschermen. Een roofdier zal zich wel 2x bedenken voordat hij een giftig of op andere wijze gevaarlijk dier aanvalt. Denk bijvoorbeeld aan een zweefvlieg met de waarschuwingskleuren van een wesp. Maar ook de ogen op vlindervleugels die sterk lijken op de ogen van een uil of ander groot dier dienen om een roofdier af te schrikken.

Links: rups, rechts: slang (via Pinterest.com)


Verder kennen we mimicry van Müller: meerdere gevaarlijke soorten gebruiken eenzelfde uiterlijk. Als een roofdier onaangenaam kennis maakt met een dier dat "Pas op, ik ben giftig!"-kleuren heeft, dan zal hij andere dieren met diezelfde waarschuwingskleuren ook met rust laten. Als elke giftige soort andere waarschuwingskleuren zou gebruiken, moet het roofdier van elke soort 1 individu tegenkomen om te leren dat deze soort geen voedsel is, maar door mimicry van Müller is er maar 1 leermoment nodig en daar profiteren al die verschillende giftige soorten dan van.

Symula, R., Schulte, R., & Summers, K. (2001)


Het tegenovergestelde van mimicry van Bates bestaat ook, dat noemen we agressieve mimicry: roofdieren imiteren een ongevaarlijk uiterlijk om in de buurt van prooidieren te kunnen komen. Dat kan het uiterlijk van de prooidieren zelf zijn, of dat van een neutrale soort, of zelfs dat van een plant of rots. Een mooi voorbeeld is bijvoorbeeld de Steenvis (Synanceia verrucosa), een roofvis die lijkt op een steen.

Camouflage (onopvallend opgaan in de omgeving) wordt natuurlijk ook door ongevaarlijke prooidieren gebruikt om niet opgemerkt te worden door roofdieren.
Nachtzwaluwen zijn daarin wel de meesters.

Photo credit: Jolyon Troscianko

Spelletje doen? Kijk of je de nachtzwaluw kunt ontdekken op 20 foto's: Nightjar Game
Help de wetenschap, speel een spelletje! :)


Referenties:
NationalGeographic.com: The Caterpillar Defense
IFLScience.com: Small Birds are Scared Off by Fake Owl Eyes on Butterfly Wings 
Symula, R., Schulte, R., & Summers, K. (2001). Molecular phylogenetic evidence for a mimetic radiation in Peruvian poison frogs supports a Müllerian mimicry hypothesis. Proceedings of the Royal Society of London B: Biological Sciences, 268(1484), 2415-2421. (PDF)
Project Nightjar: http://nightjar.exeter.ac.uk


Photo credit: Jolyon Troscianko

26 februari 2016

Dierenvriendjes

Na mijn vorige blog over wreedheden door dieren, nu een wat vrolijker onderwerp: interspecifieke vriendschap. Dieren zijn natuurlijk niet alleen maar wreed naar elkaar toe, ze kunnen ook heel lief zijn en elkaar helpen... zelfs als ze niet tot dezelfde soort behoren.

Vriendschap is een sterk antropomorfische term; voor het gemak definieer ik vriendschap bij dieren als het herhaaldelijk opzoeken van elkaars gezelschap (wanneer er wel de mogelijkheid is om elkaar uit de weg te gaan), waarbij het contact door beide partijen geaccepteerd wordt.

Wild vs. gevangenschap
In gevangenschap zien we vaker vriendschappen ontstaan tussen dieren van verschillende soorten. Vaak kan dit verklaard worden door een verlangen tot sociaal contact in de afwezigheid van eigen soortgenoten. Soms zijn dieren vanaf jonge leeftijd bij een andere soort gezet en is die soort voor hen heel normaal geworden. Misschien weten ze niet eens dat ze zelf tot een andere soort behoren. Mensen stimuleren dit soort vriendschappen graag omdat we er blij van worden, en voor de dieren zelf is het vaak ook fijner om bij een ander dier te zitten dan helemaal alleen (behalve van nature solitair levende dieren).

Er is een mooi voorbeeld van vriendschap tussen twee heel verschillende dieren in een dierentuin: een struisvogel en een giraffe in Bush Gardens (USA). Ze leven in een verblijf van ruim 23 hectare groot met veel soortgenoten en andere savannedieren. Toch zoeken de twee elkaars gezelschap steeds weer op. Blijkbaar hebben ze een bepaalde klik.


Er zijn ook voorbeelden van interspecifieke vriendschappen in het wild.
In Turkije leven een huiskat en een vos samen. In Finland een wolf en een beer. Hoe en waarom deze duo's zijn ontstaan is niet helemaal duidelijk. Misschien vinden ze het gewoon gezellig, of voelen ze zich samen veiliger.

Dieren die door hun eigen sociale groep verstoten zijn kunnen zich aansluiten bij een soortgelijke groep, als ze daar wel geaccepteerd of getolereerd worden. Zo werd er in 2011 een misvormde dolfijn ontdekt die zich heeft aangesloten bij een groep walvissen. Het is niet bekend of de dolfijn door zijn groep verstoten is of dat hij door zijn misvormde wervelkolom minder snel kan zwemmen en daardoor zijn groep is kwijt geraakt. Maar het is mooi om te zien dat hij een plekje tussen de walvissen heeft kunnen bemachtigen!


Romances
Love works in mysterious ways... Soms wordt een dier verliefd op een dier van een andere soort. Als daar jongen uit voortkomen zijn deze in de meeste gevallen onvruchtbaar. Heel soms zijn hybriden wel vruchtbaar, zoals bijvoorbeeld bij azuurmees x pimpelmees; deze vogelsoorten zijn dan ook heel dicht aan elkaar verwant.


Pleegouders
Vaak zien we vertederende beelden van ouders die jongen van een andere soort hebben geadopteerd. Bedelende, hulpeloze kleintjes blijken dan onweerstaanbaar voor ouders die de behoefte hebben om te moederen (of vaderen). Weesjes worden door mensen vaak bij een kersverse moeder geplaatst tussen haar eigen jongen. We zien dan ook vaak dat katten en honden ingezet worden als pleegouders. Maar ook wilde dieren nemen weleens jongen van een andere soort onder hun vleugels.


Ik heb er in dit blog voor gekozen om het beeldmateriaal te beperken tot (semi-)wilde dieren, omdat bij huisdieren het aan een foto alleen vaak niet duidelijk is of het contact tussen de dieren uit eigen keuze is, of onder (lichte) dwang van de baasjes. Maar omdat honden- en kattenplaatjes populair zijn, hieronder toch deze compilatie van schattige dierenvriendjes:


Referenties:
PeoplePets.com: Crazy Love? Wilma the Ostrich and Bea the Giraffe Become Unlikely BFFs
NationalGeographic.com: Deformed Dolphin Accepted Into New Family

BoredPanda.com: Unusual Friendship between Wolf and Bear Documented by Finnish Photographer


20 januari 2016

Ook dieren kunnen wreed zijn

Er wordt vaak beweerd dat alleen mensen gewelddadig zijn en zich schuldig maken aan verderfelijke zaken als moord, verkrachting en mishandeling. Dieren zijn niet wreed, zegt men dan. Toch zijn er zeker wel voorbeelden van vergelijkbaar gedrag in de dierenwereld.

Moord
Roofdieren moorden om aan voedsel te komen. Als ze niet zouden jagen, zouden ze zelf niet overleven, daarom wordt deze vorm van moord gezien als natuurlijk gedrag. Ook infanticide en siblicide zijn voorbeelden van voor-dieren-geaccepteerde-moorden omdat ze een duidelijke biologische reden hebben: meer kans creëren op eigen overleving en/of het doorgeven van de eigen genen. Bij het verdedigen van een territorium of het verdrijven van concurrenten kunnen ook dodelijke slachtoffers vallen, maar meestal kiest de verliezer tijdig eieren voor zijn geld.

Hoewel er meestal wel een mogelijke verklaring voor wreed gedrag te bedenken is, zijn er toch voorbeelden van schijnbaar zinloos geweld en onnodige wreedheid in de dierenwereld. Denk aan katachtigen die spelen met hun prooi voordat deze uit zijn lijden verlost wordt. Denk aan roofdieren die meer prooien doodbijten dan ze nodig hebben (vaak wordt het overschot bewaard voor later, maar er worden ook karkassen achtergelaten).

Jachttechnieken zijn in onze ogen wreed en zielig. Kelpmeeuwen (Larus dominicanus) maken het bijvoorbeeld wel heel bont. Zij pikken de ogen van jonge pelsrobben uit. Blind zijn de pups hulpeloos en gedoemd om te sterven. Wanneer de pelsrob is overleden keert de meeuw terug naar het karkas om zich te voeden.

Tuimelaars (Tursiops truncatus) vallen bruinvissen aan. Maar waarom is een groot raadsel. Ze eten geen bruinvissen en voor zover we weten zijn het geen directe concurrenten van elkaar. Er is weinig overlap in dieet en de kleinere bruinvissen vormen geen bedreiging voor de tuimelaars of hun jongen. Mogelijk is het een uit de hand gelopen spel van de tuimelaars of oefenen ze hun aanvalstechnieken.

Bruinvis wordt aangevallen door een tuimelaar.
Foto door Caroline Weir

Ontvoering
Een hele tactische, maar voor de prooi zeer stressvolle strategie is het ontvoeren van prooien. Eleonora's valken (Falco eleonorae) in Marokko bewaren hun prooien levend. Slim, want levend blijft de prooi langer vers en geschikt voor consumptie. Het hamsteren (cachen) van voedsel wordt door veel dieren gedaan, maar het is heel uitzonderlijk dat de prooi levend opgeborgen wordt. Klauwieren (Laniidae) spiezen ook weleens levende prooien, maar dat zijn meestal insecten en er wordt vermoed dat dat niet zozeer expres gedaan wordt. De Eleonora's valken lijken echter wel te weten wat ze doen: staart en vleugelveren worden verwijderd zodat het slachtoffer niet meer op kan vliegen.

Slachtoffers van de Eleonora's valk.
Foto's door Abdeljebbar Qninba (2014)

Ook zeeotters (Enhydra lutris) maken zich soms schuldig aan kidnapping. Wanneer voedsel schaars is ontvoeren sommige mannetjes een pup, houden het onder water en vragen "losgeld" van de moeder in de vorm van voedsel. Pas als er "betaald" is krijgt de moeder haar jong terug.

Wapens
Het gebruik van wapens is niet uniek voor de mens. Het gedrag is onder andere beschreven bij primaten als bonobos, chimpansees en kapucijnapen en bij vogels als raven, kraaien en gaaien. Raven en kraaien bombarderen broedende meeuwen om ze van hun nesten te verdrijven en zichzelf toegang te verschaffen tot hun eieren. En er is een groep chimpansees in Senegal die met zelfgemaakte speren jaagt. Naast het gebruik van wapens voor de jacht zijn er bij deze diersoorten ook voorbeelden van wapengebruik als verdedigingstechniek, bijvoorbeeld bij het verjagen van bedreiging van hun jongen of hun territorium. 

Tool-assisted hunting by chimpanzee at Fongoli, Sénégal. Adult male chimpanzee uses
tree branch with modified end to (ac) stab into a cavity within a hollow tree branch
that houses a Galago he ultimately captures as (d) his adolescent brother looks on.
Images are courtesy of BBC.

Verkrachting 
Gedwongen paringen komen vaak voor in de dierenwereld. Bij veel dieren gaat de daad er niet bepaald zachtzinnig aan toe. Er zijn echter enkele diersoorten die er qua perversiteit uit springen. Notoire verkrachters vinden we onder andere bij eenden, pinguïns, dolfijnen, zeeotters en pelsrobben. Het is al lang bekend dat het paargedrag van eenden er bruut aan toe kan gaan. Meerdere woerden storten zich op een vrouwtje die compleet uitgeput onder water wordt geduwd en daardoor soms verdrinkt.
Dolfijnen maken zich schuldig aan groepsverkrachtingen, niet alleen van vrouwtjes maar ook van mannetjes. Ze drijven het slachtoffer weg van de groep en vergrijpen zich om beurten aan hem of haar.
Adéliepinguïns vormen monogame paartjes, maar ongepaarde mannetjes verzamelen zich in zogenaamde 'Hooligan'-groepjes. Deze seksueel gefrustreerde mannetjes vergrijpen zich aan elke pinguïn die ze te pakken kunnen krijgen. Zelfs vrouwtjes die al een jaar dood zijn kunnen nog als seksobject fungeren. Necrofilie is bij meerdere diersoorten beschreven, maar het is niet duidelijk of de dader wel beseft dat zijn onderwerp van affectie niet meer in leven is.

Interspecifiek seksueel misbruik komt ook voor. Zeeotters verkrachten niet alleen op brute wijze hun eigen vrouwtjes, maar ook zeehondenpups. Deze worden onder water gehouden tot ze verdrinken.
En er zijn pelsrobben die seks hebben met pinguïns. Volwassen koningspinguïns worden overmeesterd en meestal na de daad weer vrijgelaten. In één beschreven incident werd het slachtoffer na de verkrachting opgegeten. 

Bron: Haddad et al. 2014, Polar Biology, Vol. 38, 5 (741-746)
Multiple occurrences of king penguin (Aptenodytes patagonicus)
sexual harassment by Antarctic fur seals (Arctocephalus gazella)

Kindermisbruik
Zelfs kindermishandeling komt voor in de dierenwereld. Diezelfde 'Hooligan'-pinguïns uit het stukje hierboven vergrijpen zich ook aan kuikens. Ook Nazcagenten (Sula granti) maken zich schuldig aan lichamelijk en seksueel misbruik. Bij beide soorten overleven de kuikens het gewelddadige gedrag soms niet.

A Nazca booby adult begins an unwelcome visit with an
unguarded nestling. Most such visits include aggressive
bites by the adult to the nestling's head and neck.
Credit: Jacquelyn Grace

Infanticide heb ik al kort genoemd. Over het algemeen wordt dit gedaan door mannetjes om ervoor te zorgen dat het vrouwtje sneller vruchtbaar wordt. Maar bij chimpansees zijn het ook weleens de vrouwtjes die zich schuldig maken aan babymoord. Ze rukken met geweld het jong uit de armen van de moeder en doden het. De reden hiervoor is onbekend.
Bij verschillende dieren komt het voor dat moeders hun eigen kinderen vermoorden, maar vaak komt dit doordat er iets mis is met het jong (aangeboren afwijkingen) of wanneer er te weinig voedsel is. 

De wereld is wreed. Geweld is onderdeel van de natuur. Vaak is daar een logische verklaring voor te bedenken. Soms lijkt het zinloos. Bij dieren kunnen, net als bij de mens, ook geestesziekten voorkomen. Maar misschien moeten we onze menselijke moraal niet op dieren projecteren?

Referenties:
DiscoverMagazine.com: Kelp Gulls Tear Out Baby Seal Eyes So They Can Feast On Their Remains When They Die
Caroline Weir: Dolphins attack a harbour porpoise
MoroccanBirds: Eleonora's Falcons keep or imprison their prey alive
Balda, R.P. 2007, "Corvids in Combat: With a Weapon?", The Wilson Journal of Ornithology, vol. 119, no. 1, pp. 100-102.
Montevecchi, W.A. 1978, "Corvids using objects to displace gulls from nests", The Condor, vol. 80, no. 3, pp. 349-349.
IFLScience.com: Chimps Use Spears To Hunt
TheGuardian.com: 'Sexual depravity' of penguins that Antarctic scientist dared not reveal
IFLScience.com: Seals Caught Having Sex With Penguins
IFLScience.com: Animal Parenting: Mothers That Play Favorites, Why Whales Have Menopause, And Adults Who Have Sex With Infants
Phys.org: Child abuse in birds: Study documents 'cycle of violence' in nature

13 december 2015

Dierenliefde

Kennen dieren ook liefde? En welke dieren zijn monogaam?
Studenten Media, Informatie & Communicatie van de Hogeschool van Amsterdam vroegen me of ik daar wat over wilde vertellen in hun radio-programma. Ik vond het zo'n leuk onderwerp dat ik besloten heb er ook een blog aan te wijden.

Liefde
Kunnen we bij dieren wel spreken over liefde? Ik zou zeggen: liever niet. De term "liefde" roept bij mensen sterke emoties op. Als we bij het bestuderen van dieren beïnvloed worden door onze eigen emoties is de kans groot dat we die gevoelens projecteren op ons studieobject. In de wetenschap proberen we juist om zo objectief mogelijk te zijn, omdat we willen voorkomen dat we verkeerde conclusies trekken. Daarom gebruiken Biologen liever een meer neutrale term zoals het vormen en versterken van de paarband.
Daarentegen is het wel zo dat dezelfde hormonen en neurotransmitters die bij mensen voor een verliefd gevoel zorgen (endorfine, dopamine en als belangrijkste het "knuffelhormoon" oxytocine) ook bij dieren in verband worden gebracht met het vormen van de paarband en een monogame levensstijl.

Monogamie
Echte monogamie is zeer zeldzaam in het dierenrijk. Er wordt geschat dat minder dan 10% van de zoogdieren monogaam leeft. Voorbeelden vinden we vooral binnen de primaten (orang oetans, gibbons, gouden leeuwaapjes), maar bijvoorbeeld ook bij stokstaartjes en wolven. Bij vissen, reptielen, amfibiën en insecten komt monogamie ook voor, maar is het nog veel zeldzamer. Vogels zijn dieren waar monogamie meer regel is dan uitzondering. Wel 90% van alle vogelsoorten leeft monogaam.
Maar, sinds we met DNA-technieken kunnen onderzoeken welke dieren genetisch aan elkaar verwant zijn weten we dat veel dieren die monogaam lijken te leven toch veelvuldig vreemd gaan. In een nest kool- of pimpelmeesjes kan wel 30% van de jongen een andere vader hebben. Extra-pair copulations noemen we dat. Er vinden ondanks een sociaal monogame levensstijl toch copulaties buiten het paar plaats.

Waarom vreemdgaan?
Het belangrijkste doel van elk levend wezen is het doorgeven van de genen. Voor dieren is het heel belangrijk dat hun nakomelingen gezond en vruchtbaar zijn. En het liefst ook heel gevarieerd in hun genetische opmaak. Omdat de wereld om ons heen constant verandert is het niet te voorspellen welke eigenschappen in de toekomst belangrijk gaan zijn. Een fel-gekleurd mannetje kan nu de beste keus lijken, maar een paar generaties verder zijn de dof-gekleurde mannetjes misschien beter aangepast. Daarom is het voor een vrouwtje verstandig als ze haar kansen spreidt door jongen van een fel-gekleurd, maar ook van een dof-gekleurd mannetje te krijgen.

Waarom monogaam zijn?
Bij veel vogels en primaten hebben de jongen zeer veel zorg nodig. Daar zijn twee ouders voor nodig. Daarom is het voor deze dieren verstandig om ervoor te zorgen dat ze een sterke band hebben met hun partner, zodat ze samen voor hun nageslacht kunnen zorgen.
Er is een hypothese die vermoedt dat bij primaten een andere reden de drijvende kracht achter een monogame levensstijl is: het voorkomen van infanticide. Er zijn dieren (denk aan gorilla's en leeuwen) waarbij de mannetjes jongen vermoorden die niet van hen zijn. Voordeel daarvan is dat ze geen energie hoeven te verspillen aan het beschermen van andermans jongen en bovendien wordt het vrouwtje sneller weer ontvankelijk voor een nieuwe zwangerschap. Voor de moeders is dat natuurlijk een enorme tegenslag. Om de kans op zo'n enorm verlies te verminderen is het verstandiger om monogaam te leven.

En bij mensen?
Mensen zijn ook dieren. Mensen en dieren lijken op heel veel punten dan ook veel op elkaar. Maar een groot verschil is onze levenswijze. Dieren moeten veel meer moeite doen om te overleven. Bij mensen is de voortplantingsdrang verminderd. Er zijn immers steeds meer mensen bewust kinderloos of we krijgen maar weinig kinderen. Daarnaast is het bij mensen ook minder erg als één van onze kinderen een klein genetisch defect heeft. Door de medische wetenschap kunnen we veel foutjes oplossen. Wilde dieren hebben die luxe niet.

Lees ook mijn blog over Spermacompetitie en Travestie bij dieren